Sinds 26 juni 1874
De Koninklijke Vereeniging voor Volksvermaken
Wij zijn de oudste ontzetvereniging van Nederland. Honderdvijftig jaar geleden besloot een handvol Stadjers — onder leiding van schoolhoofd Jan "28sten" Suringa — dat Groningens Ontzet een vaster fundament verdiende. Sinds die zomer in 1874 doen wij hetzelfde: drie keer per jaar, met heel de stad, en altijd door vrijwilligers.
In een notendop
Van rampjaar tot jubileumjaar
Honderdvijftig jaar Vereeniging, voorafgegaan door tweehonderd jaar Ontzet. Zo zit dat verhaal in elkaar.
Het rampjaar. Bommen Berend belegert Groningen — onder Carel Rabenhaupt houdt de stad 31 dagen lang stand. Op 28 augustus wordt het beleg opgeheven.
Een jaar na het Ontzet besluit het stadsbestuur 28 augustus tot dankdag te maken. Een gewoonte was geboren.
De Franse bezetting legt de viering stil. Honderdtwintig jaar feest komt voorlopig tot een einde.
Door Groningers zelf opgepakt. Eerst informeel, daarna structureel.
Het tweede eeuwfeest. Zo geslaagd dat een groepje Stadjers besluit het officieel te organiseren.
Op 26 juni richt Jan Suringa met zes anderen de Vereeniging voor Volksvermaken op. Doel: jaarlijks feest, voor Stad en Ommeland.
Twee jaar na de bevrijding organiseert de Vereeniging haar eerste intocht van Sinterklaas. Een herstelmoment voor de jeugd.
Bij het 100-jarig bestaan verleent koningin Juliana het predicaat. De Vereeniging wordt Koninklijk.
We vieren drie en een halve eeuw Groningens Ontzet — met tentoonstellingen, theaterconcerten en een speciale herdenkingskrant.
Op 26 juni vieren wij ons eigen jubileum. Anderhalve eeuw volksvermaak, en nog geen zin om te stoppen.
Wie houdt het draaiende
Het bestuur
De Vereeniging draait op vrijwilligers — ook het bestuur. Acht mensen, twaalf vergaderingen per jaar, en een agenda die elke editie weer vol staat.